De Prijs van Innovatie: Van de Degelijke iPhone 15 Plus naar een Peperdure Toekomst

De Prijs van Innovatie: Van de Degelijke iPhone 15 Plus naar een Peperdure Toekomst

De iPhone 15 Plus voelde eindelijk weer als een stap in de goede richting. Het was een duidelijke upgrade vergeleken met z’n voorganger, maar dan met een royaler scherm en een accuduur waar je simpelweg u tegen zegt. Buiten de Pro Max-modellen om is er weinig dat hieraan kan tippen, en ook in vergelijking met de bredere smartphonemarkt houdt de batterij het bizar lang vol. Voor wie de overstap maakt vanaf een ouder model, zoals in mijn geval de iPhone 12, is het verschil dag en nacht. Dat heeft deels te maken met het grotere schermformaat, maar zeker ook met die lange adem van de accu. Opvallend was ook dat de speakers van de 15 Plus flink harder kunnen, al kan het natuurlijk goed zijn dat de speakers van mijn oude iPhone 12 hun beste tijd wel hadden gehad.

Toch is het toestel niet perfect. Het Dynamic Island is absoluut een handige toevoeging en geen loze gimmick, en het scherm is aanzienlijk feller met een uitstekende kleurweergave. Maar dat we het in deze prijsklasse nog steeds moeten doen met een 60Hz-refreshrate, is anno nu eigenlijk onverdedigbaar. Ook het opladen schiet, ondanks de meer dan welkome overstap naar USB-C, nog steeds echt niet op. Dat er nog altijd geen oplaadblokje in de doos zit, helpt ook niet mee.

Onder de motorkap vinden we de A16-chip. Geen gloednieuwe hardware, maar rap genoeg voor alles wat je ermee wil doen, en je bent verzekerd van jarenlange software-updates. Qua fotografie zet de 48-megapixel hoofdcamera haarscherpe beelden neer en de non-Pro blijft gelukkig niet langer verstoken van een meer dan prima zoomfunctie, zolang je het tenminste niet te bont maakt. De ultragroothoekcamera voelt daarentegen wat gedateerd aan en het gemis van een macrofunctie blijft jammer. Al met al is het een mooi afgewerkt toestel waarvan de innovatie misschien wat beperkt is, maar de basis ontzettend sterk staat. Helemaal als je bedenkt dat Apple dit model verrassend genoeg goedkoper in de markt zette dan de 14 Plus destijds.

De kloof naar onbetaalbaar: De iPhone 18 Pro

Als we de blik echter vooruit werpen naar de naderende line-up in het najaar, lijkt die milde prijsstrategie compleet van tafel te zijn geveegd. Verschillende bronnen op Weibo, waaronder leaker Fixed Focus Digital, winden er geen doekjes om: waar de huidige lichting gespaard bleef, gaat de iPhone 18 Pro-lijn onvermijdelijk flink in prijs stijgen. Vooral de langverwachte opvouwbare iPhone krijgt volgens deze geruchten een bizarre prijskaartje dat nog eens 10 tot 20 procent hoger uitvalt dan analisten al vreesden.

Laten we die cijfers even in perspectief plaatsen. Bloomberg’s Mark Gurman meldde eerder al dat de foldable de grens van $2.000 gaat passeren op de Amerikaanse markt. Dat zou het de duurste iPhone ooit maken, ruim boven de $1.999 van de meest uitgebreide iPhone 17 Pro Max (2TB). Analist Ming-Chi Kuo sluit zich daarbij aan en acht een prijskaartje boven de $2.500 zelfs aannemelijk. Gooi daar die extra procentuele verhoging van de Weibo-leakers bovenop, en we kijken naar een toestel dat met wat extra opslag zo de $3.000 kan aantikken. Voor een telefoon.

Marges beschermen ten koste van de consument

Zelfs als je geen interesse hebt in vouwbare schermen, ontspring je de dans niet met de reguliere iPhone 18 Pro. Volgens Digital Chat Station is het een illusie om te denken dat de reguliere Pro-serie onder een prijsverhoging uitkomt. In China startte de iPhone 17 Pro nog op 8.999 yuan, maar de verwachting is dat Apple voor de 18 Pro de 9.999 yuan aantikt om de winstmarges veilig te stellen. Dat trekt de hele september line-up naar een instapprijs van 10.000 yuan of hoger.

Historisch gezien lopen de Chinese en Amerikaanse prijzen vrij synchroon. Een stijging van ruwweg 11% ten opzichte van de $1.099 kostende 17 Pro, plaatst de iPhone 18 Pro al snel rond de $1,220. Leaker Instant Digital doet daar nog een schepje bovenop en suggereert dat de 256GB iPhone 18 Pro Max zomaar 11.499 yuan kan gaan kosten. Dat zou een stijging van bijna 20% betekenen. Vertaald naar dollars zit je dan voor het instapmodel van de Pro Max ergens in de range van $1.300 tot $1.400. Flink aan de prijs voor een toestel dat niet eens dubbelvouwt.

Waar komt die plotselinge prijsexplosie vandaan? De materiaalkosten rijzen de pan uit. Onderzoeksbureau TechInsights berekende dat Apple voor de 12GB DRAM in de iPhone 17 Pro nog zo’n $39 kwijt was. Voor de iPhone 18 Pro zou die specifieke kostenpost door het dak gaan naar $145. Dit soort prijsstijgingen in componenten jaagt de totale productiekosten met zo’n 25% omhoog. Reken daar nog een geavanceerder camerasysteem bij, en de projectie van The Wall Street Journal op een startprijs van $1.399 klinkt ineens behoorlijk aannemelijk.

Tim Cook noemde de torenhoge kosten voor geheugen- en opslagchips onlangs al een “hundred year flood”. Waar Apple in het verleden dit soort inkoopschommelingen nog weleens zelf absorbeerde, lijken ze die rekening nu direct bij de gebruiker te leggen.

Het contrast kan bijna niet groter. Aan de ene kant heb je toestellen zoals de 15 Plus, die ondanks hun gebreken eindelijk weer echt waar voor je geld boden. Aan de andere kant staren we nu in de afgrond van een line-up die de iPhone langzaam maar zeker lijkt te transformeren in een onbereikbaar luxeproduct. Waar de absolute pijngrens van de consument ligt, zal binnenkort blijken.